fbpx
Het Gouden uur in Heusden

Over Smartzine

Smartzine is (o, had je het al gezien?) een samentrekking van ‘smartphoto’, ‘smartphone’ en ‘magazine’. Je zou er fonetisch ook ‘slim kijken’ uit kunnen halen, maar of dat leuk is, laat ik aan jou over.

Hoe dan ook: Smartzine is een online magazine met slimme tips en tricks om betere foto’s uit je smartphone te halen. Het fotografievirus is op zich al een van de weinige virussen die je leven leuker en interessanter maken, en de combinatie met de smartphone maakt het ook nog eens een stuk gemakkelijker.

En handzamer. In Duitsland noemen ze een smartphone niet voor niets ein Handy. Ha!

Enfin: op deze website probeer ik het fotobesmettingsgevaar zo groot mogelijk te maken, zodat ook jij enthousiast aan de slag gaat met de camera + ontwikkelcentrale in je tas of broekzak. De bonus is dat je er beter door leert kijken en meer oog krijgt voor je omgeving.

“Zijn er dan nog niet genoeg clichéfoto’s van zonsondergangen, bospaden, vliegtuigvleugels, drankjes of borden met eten?”, vroeg iemand mij pas nog. Alsof dat de smartphone-onderwerpen bij uitstek zijn. Wat een misvatting.

Arc de Triomphe in Parijs
Clichéfoto! | Camera: iPhone SE

En wat dan nog: in elk onderwerp zit een ander, minder bekend, perspectief of verhaal. Je moet het alleen willen ontdekken. Wat je aandacht geeft, wordt beter. Dat is de sleutel naar foto’s die lang op je netvlies blijven hangen. Niet die dure spiegelreflexcamera.

Ik heb ’m ook gehad hoor, die spiegelreflex. Meerdere zelfs. En een peperdure tweeogige 6×6-camera waar ook een loodzwaar statief bij hoorde. Ik voel het zweet nog op mijn rug staan. En leverde dat betere foto’s op? Ben je toch gek.

Met een dure digitale camera ga je niet opeens betere foto’s maken. Een getraind oog, dat is wat je nodig hebt.

Zo zo, en wie schrijft dit allemaal dan?

Gerard Voshaar (aan het fotograferen in Antwerpen)

Ik ben Gerard Voshaar en in het dagelijkse leven doe ik iets met communicatie en grafische vormgeving (ik hou het lekker vaag). Toen ik 13 jaar was, ontdekte ik de oude vergroter van mijn vader. Voilà: daar heeft u het startpunt van mijn fotografische avontuur. Analoge fotografie welteverstaan. In zwart/wit. Compleet met een permanente donkere kamer op zolder. Ja, dat was best leuk. En nee, daar ben ik niet nostalgisch over.

Stel je voor: bakken met stinkende chemicaliën, gedoe om films stofvrij te drogen, barietpapier met lappen van 30 x 40 centimeter die je een uur moest spoelen in de badkuip: het was me het ambacht wel. Het resultaat liet je dan zien op de plaatselijke fotoclub waar je foto aan een zorgvuldige analyse werd onderworpen.

De omslag naar digitaal vond ik lastig, maar rond het jaar 2000 hakte ik de knoop door: alle analoge spullen ruilde ik in voor een digitale Nikon. Die na 3 jaar stuk ging. Potver.

Daarna volgde een fotografieloze periode totdat ik mijn eerste iPhone in handen kreeg. Een openbaring! Wat dat ding allemaal kon. Het fotovirus sloeg weer toe en ik ben weer gaan ‘kijken’ en fotograferen. Het gekke is dat je dat ‘kijken’ niet meteen weer in de vingers hebt. Kennelijk is een fotografisch oog ook een spier die je moet blijven trainen en onderhouden.

Wil je nog meer van me weten? Kijk dan op mijn LinkedIn-profiel.